Het uitkeringsverbod
en het belangeloos doel zijn twee kernbegrippen die sinds de invoering van
het WVV het hart vormen van het organisatierecht van VZW’s en stichtingen.
Deze commerciële uitgave van het doctoraat van Bram Van Baelen biedt een
diepgravende en tegelijk praktijkgerichte analyse van deze twee begrippen en
speelt in op een duidelijke behoefte aan helderheid en houvast in een
domein dat juridisch complex is en maatschappelijk steeds relevanter
wordt.
Het uitkeringsverbod
is onder het WVV uitgegroeid tot het centrale onderscheidingscriterium
tussen vennootschappen en not-for-profitorganisaties. Waar vennootschappen
winst mogen nastreven en uitkeren, zijn VZW’s en stichtingen gebonden aan een
strikt verbod op uitkeringen, behalve wanneer deze rechtstreeks bijdragen aan
de verwezenlijking van hun belangeloos doel. De auteur brengt in een eerste
deel systematisch in kaart wat onder dit uitkeringsverbod valt. Hij analyseert
niet alleen klassieke en minder klassieke vormen van (rechtstreekse en
onrechtstreekse) uitkeringen, maar besteedt ook aandacht aan grensgevallen
zoals bestuurdersvergoedingen, voordelen in natura, vastgoedtransacties,
transacties met verbonden partijen en hybride groepsstructuren. Daarbij wordt
duidelijk dat het uitkeringsverbod een fundamentele rechtsnorm is voor het
functioneren en de besluitvorming van not-for-profitorganisaties.
In de
daaropvolgende delen staat het belangeloos doel centraal. Het
belangeloos doel vormt niet alleen de juridische bestaansgrond van de VZW of
stichting, maar fungeert ook als een positieve bestuursnorm: middelen mogen
niet louter worden onttrokken aan uitkering, zij moeten doelgericht worden
aangewend ter verwezenlijking van het belangeloos doel. Van Baelen analyseert
hoe het belangeloos doel doorwerkt in de afbakening van het verenigings- en
stichtingsbelang, de aansprakelijkheid van bestuurders, en de organisatie
van toezicht door de algemene vergadering. Daarnaast brengt het werk de
structurele tekortkomingen van het huidige governance-kader scherp in beeld.
Het
boek verenigt een grondige juridische analyse met een uitgesproken pragmatische
invalshoek. Het richt zich tot juristen, adviseurs en magistraten die in
hun professionele praktijk met VZW’s en stichtingen worden geconfronteerd, en
biedt tegelijk bestuurders en beleidsmakers heldere inzichten in de
juridische verantwoordelijkheden en aandachtspunten die gepaard gaan met het
beheer van VZW’s, stichtingen en andere non-profitorganisaties.
Bram
Van Baelen is advocaat aan de Nederlandstalige balie van
Brussel (impact advocaten) en gastdocent “Verenigingen, stichtingen en sociale
ondernemingen” in de Master-na-Master Vennootschapsrecht (KU Leuven). Dit boek
is de commerciële uitgave van zijn proefschrift, dat hij op 12 november 2024
met succes verdedigde onder het promotorschap van prof. dr. Marieke Wyckaert en
co-promotorschap van prof. dr. Joeri Vananroye.
juristen, adviseurs en magistraten, bestuurders en beleidsmakers